Niet wanneer je tegen een paaltje op het fietspad fietst en vervolgens een verzoek richt tot de gemeente om paaltjes op fietspaden te verwijderen. Dat had Ab Eland.
Hij heeft nl. geen bijzonder persoonlijk belang bij het gebruik van het fietspad waarop het paaltje staat waar hij tegenaan is gereden. Vaststaat ook dat hij niet woont in de directe omgeving van dat fietspad. Dat hij, anders dan de andere fietsers, tegen het paaltje op het fietspad is gereden, daardoor letsel heeft opgelopen en in dat verband kosten heeft gemaakt, maakt niet dat hij zich ten aanzien van het gebruik van het fietspad in voldoende mate onderscheidt van andere gebruikers van het fietspad. Ab Eland is geen belanghebbende bij zijn verzoek om paaltjes op fietspaden te verwijderen.
ECLI:NL:RVS:2018:3107.

Als belanghebbende in de zin van de Awb kan je worden aangemerkt als je een voldoende objectief, actueel, eigen en persoonlijk belang hebt dat jou in voldoende mate onderscheidt van anderen en dat rechtstreeks wordt geraakt door het besluit. Met deze criteria zijn belanghebbenden doorgaans eenvoudig van niet-belanghebbenden te onderscheiden.
Zo bekeken wordt een aanvrager van een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk verondersteld belanghebbende te zijn bij een beslissing op de door hem ingediende aanvraag. Daarmee ben je er echter nog niet. Aanvullend is nog nodig dat aannemelijk is gemaakt dat het bouwplan kan worden verwezenlijkt. Dus dat de aanvrager de omgevingsvergunning zal kunnen uitvoeren.
Een dergelijke vraag diende beantwoord te worden in de uitspraak van de ABRS van 26 juli 2017, ECLI:NL:RVS:2017: 2002. De aanvrager, KPN, was geen eigenaar van de grond waarop de aanvraag betrekking had. Ter zitting van de Afdeling is komen vast te staan dat, anders dan waarvan de rechtbank is uitgegaan, op het perceel geen zakelijk recht van opstal is gevestigd ten gunste van KPN. KPN had met de vorige eigenaar van het perceel wel een overeenkomst gesloten voor het plaatsen van de mast maar aan die overeenkomst was geen uitvoering gegeven. Land Equity, de nieuwe eigenaar, was niet alleen niet bereid een soortgelijke overeenkomst met KPN overeen te komen maar wenste als eigenaar geen toestemming te verlenen voor uitvoering van het bouwplan.
Dus de aanvraag om een omgevingsvergunning voor het bouwplan kon niet worden aangemerkt als een verzoek van een belanghebbende en daarom niet als een aanvraag om een besluit te nemen in de zin van artikel 1:3, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Veranderde omstandigheden kunnen je lelijk tegenspelen.

Deze jurisprudentie kan op vergelijkebare casus worden toegepast waarbij de vraag of een aangevraagde activiteit zal kunnen worden verwezenlijkt een rol speelt. Zoals in de uitspraak van ABRS, 19 september 2018, ECLI:NL:RVS:2018:3048. In dit verhaal werd een aanvraag om een omgevingsvergunning voor het vellen van een boom aangevraagd door een omwonende. Wat was het geval. I.c. stond vast dat de gemeente eigenaar is van de boom en dat zij de boom niet wil (laten) vellen. Het is daarom niet aannemelijk dat de omwonende, mevrouw Phellante, indien haar daartoe een omgevingsvergunning zou worden verleend, de boom zal kunnen (laten) vellen. Onder deze omstandigheid is zij geen belanghebbende bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor het vellen van de boom, zodat het college terecht haar verzoek buiten behandeling heeft gelaten.

 

 

 

Contact opnemen